Opzet cursus

In principe bestaat de cursus interne cultuurcoördinator uit drie delen van elk drie lessen. De eerste zes bijeenkomsten zijn vooral oriënterend en verkennend van aard: de deelnemers krijgen bouwstenen aangereikt die ze in de laatste drie bijeenkomsten gebruiken bij het maken van hun beleidsplan cultuureducatie.

In overleg met de landelijke projectleiding van het icc-traject kun je de landelijke opzet van de cursus doorontwikkelen en aanpassen aan specifieke behoeften in jouw regio.

Landelijke opzet van de cursus

1. Cultuur in beweging
Hierbij gaat het om een algemene visie op cultuureducatie.
In dit deel:

  • worden de deelnemers zich bewust van de eigen beleving van en visie op cultuur(educatie);
  • leggen de deelnemers binnen de bestaande beleidskaders verbinding tussen de eigen visie van de school/instelling en haar omgeving;
  • nemen de deelnemers kennis van beleidsontwikkelingen op het gebied van cultuureducatie (landelijk, provinciaal, lokaal);
  • leren de deelnemers werken met het Cultuurkompas;
  • krijgen de deelnemers inzicht in het beschikbare culturele aanbod zowel lokaal, provinciaal als landelijk;
  • krijgen de deelnemers inzicht in de uitgangspositie van de eigen school/instelling in relatie tot de drie scenario’s uit het rapport Hart(d) voor cultuur van de Taakgroep Cultuureducatie in Primair Onderwijs (Cuprio).

2. Cultuur in perspectief
Centraal staat wat de cultuurcoördinator nodig heeft. Wat moet de school van de culturele omgeving weten en wat moet de culturele omgeving van de school weten?
In dit deel:

  • leren de deelnemers wat zij moeten doen als zij een voorstelling, tentoonstelling of project binnen de school uitvoeren of buiten de school bezoeken. Zij kunnen aangeven wat dat betekent voor organisatie, planning, financiën, teamoverleg, inbedding in het schoolprogramma en voor de samenhang met andere aspecten van het onderwijs;
  • ontwikkelen de deelnemers competenties om de geïnventariseerde activiteiten uit te voeren;
  • krijgen de deelnemers zicht op hun eigen competenties en kunnen zij de directie duidelijk maken welke activiteiten op het terrein van cultuureducatie haalbaar zijn en welke scholing er nodig is;
  • leren de deelnemers de aspecten noemen die een goede vraag vanuit een school aan een culturele instelling dient te bevatten;
  • leren de deelnemers deze aspecten toepassen op een reële vraag vanuit hun school;
  • leren de deelnemers een bezochte culturele activiteit analyseren op educatieve toepassingen binnen de eigen school.

3. Cultuur in mijn school of instelling
Centraal staan de stappen die moeten leiden tot het maken van een cultureel beleidsplan.
In dit deel:

  • werken de deelnemers met het Cultuurkompas;
  • leren de deelnemers de visie te vertalen naar concrete activiteiten in de school en een koers voor de komende jaren uit te zetten;
  • leren de deelnemers welke actoren zij moeten bewerken om hun visie gestalte te geven.

Of jouw cursus erkend wordt en je de icc-certificaten aan cursisten mag uitreiken, beoordeelt de projectleiding van het landelijke icc-traject. Neem hiervoor contact op met de redactie.