Speciaal
Speciaal
Column van Liesbeth Kleuver
Het is drie uur en ik zit in de hal van een school voor zeer moeilijk lerende kinderen te wachten op twee docenten die ik een interview mag afnemen voor mijn onderzoek over kunsteducatie in het speciaal onderwijs. Uit alle klassen stromen kinderen en leerkrachten naar buiten. Er moeten jassen aangetrokken worden, tassen ingepakt en kinderen worden afgeleverd bij de juiste chauffeurs of begeleiders; er is lawaai van deuren, stemmen, voeten en startende autobusjes. Een meermalen gehoorde klacht uit het speciaal onderwijs, dat het bezoeken van voorstellingen een probleem is omdat de kinderen van uitstapjes vaak te laat terug komen voor de busjes, snap je onmiddellijk als je deze ‘geordende chaos’ van vertrekkende kinderen ervaart. Door één klas die te laat is, kan de vervoerslogistiek van de hele school onder druk te komen staan.
Als er nog een handjevol kinderen rondhangt, wachtend op de laatste begeleiders, komt juf Sabine naar me toe. We hebben elkaar door de telefoon eerder gesproken. Ze loopt voor me uit naar een kleine teamkamer, waar ik me alvast voor het gesprek kan installeren terwijl zij koffie en haar collega gaat halen. Ik leg mijn vragenlijst, pen en opnameapparaat op tafel en kijk om me heen. Aan de muur hangen aluminiumwissellijsten met kinderwerk. Mooie expressieve schilderijtjes, die beslist niet onder doen voor werkjes op welke reguliere school dan ook.
Ik hoor de deur weer opengaan. Ik verwacht de leerkrachten te zien, maar er staat een klein blond jongetje met een blauw winterjasje in de deuropening. Schichtig schiet zijn blik langs mij heen en richt zich daarna op de muur tegenover me. Ik realiseer me dat hij ervoor kiest om mij niet te zien en houd me heel stil. Letterlijk met zijn rug tegen de muur schuifelt hij voorzichtig de ruimte binnen richting de boekenkast. Ik zie nu dat er in de hoek tussen de boekenkast en de muur een gitaar in een standaard staat. Als het jongetje bij de gitaar is, zakt hij op zijn knieën. Met twee handen aait hij voorzichtig over kast en de snaren van de gitaar. Dan komt de leerkracht binnen met koffie, ze ziet het kind, zet de koffie neer en loopt naar hem toe. Ze legt haar hand op zijn schouder.
‘Benjamin,’ zegt ze op rustige, vriendelijke toon, ‘je moet naar huis jongen, heb je Marja niet gezien?’
Het jongetje mompelt tegen haar: ‘Zes snaren. Geen western gitaar.’
De juf loodst hem zachtjes de kamer uit en komt even later met haar collega terug. ‘Sorry, het is iets later geworden dan gepland,’ zegt ze tegen mij. En dan tegen haar collega: ‘Benjamin was weer naar binnen geslopen.’ Ze vertelt over het jongetje: ‘Hij is acht jaar, zeer moeilijk lerend en autistisch. Ik heb een cursus gitaar spelen gevolgd en vanaf de eerste dag dat ik mijn gitaar meenam, zat hij gebiologeerd naar mijn handen te kijken. Ik werd er eigenlijk wat ongemakkelijk van. Op een dag gaf ik hem de gitaar op schoot en het bleek dat hij mij perfect na kon spelen. Met mijn eigenaardigheden en fouten en al,’ voegt zij er verontschuldigend aan toe.
Ik moet mijn interview nog beginnen, maar een mooi verhaal over het belang van kunsteducatie, óók voor kinderen met speciale behoeften, heb ik al binnen. Het past straks niet in de cijfers en statistieken waaruit het onderzoeksrapport zal bestaan, maar het motiveert wel. Graag had ik een foto genomen van dat kleine jongetje en die liefdevolle handjes op de gitaar, want beelden zeggen soms meer…
Liesbeth Kleuver

Liesbeth Kleuver is cultuurcoördinator en vakleerkracht beeldende vorming voor groep 3 t/m 8 op een vaste basisschool. Daarnaast is ze regelmatig op andere scholen te vinden als inval-groepsleerkracht of consulent beeldende vorming.

